Aalscholver | Leefwijze | Voedsel | Voortplanting | 1 Gedetailleerde informatie

De aalscholver (Phalacrocorax carbo), ook wel scholverscholverdschollevaar of koolgans genoemd, is een tamelijk grote en opvallende vogel. Meer gedetailleerde informatie over de leefwijze, het voedsel, de voortplanting en de habitat van een aalscholver vind je hier.

Beschrijving

Aalscholver (Phalacrocorax carbo)

Hoe herken je een aalscholver? 

Een aalscholver is 80 – 100 cm groot en heeft een spanwijdte van 121 – 149 cm. Een aalscholver is bijna helemaal zwart, maar heeft een opvallende witte wang en een gele plek op de plaats waar de bek is aangehecht. De snavel is lang en heeft een haakvormige punt. In de broedtijd heeft de aalscholver een witte “dijvlek”. De dij is natuurlijk geen echte dij, maar een met veren bedekt scheenbeen van de vogel, Een aalscholver heeft zwemvliezen tussen zijn voortenen waardoor hij zeer goed kan zwemmen en waarmee hij makkelijker vis vangt door te duiken.

aalscholver

Wat is de leefwijze van een aalscholver? 

Een aalscholver zit vaak met uitgespreide vleugels op een paaltje bij het water. Het gaat hierbij voornamelijk om het laten drogen van hun verenkleed. De theorie dat dit samenhangt met een te kleine of gebrekkig functionerende vetklier in vergelijking met andere watervogels is volgens Sellers (1995) onjuist. Vogels die aan de kost komen door te duiken mogen geen al te groot drijfvermogen hebben. Hun anatomie kenmerkt zich dan ook meestal door zwaardere botten dan bij de doorsnee vogel, en kleinere luchtkamers. Daarnaast persen deze vogels lucht uit hun veren. Aalscholvers en de nauw verwante slangenhalsvogels gaan nog verder – zij laten hun verenpak nat worden. De baarden aan hun veren staan betrekkelijk ver uit elkaar, zodat binnendringend water vrij spel krijgt en alle lucht verdwijnt. Dat lijkt een behoorlijk nadeel – veel watervogels hebben juist voordeel van een goed isolerend verenpak. Aalscholvers duiken echter vaak diep en jagen langdurig achter vis aan. Doorweekt gaat dat gemakkelijker, er is minder opwaartse druk. De ver naar achter geplaatste poten stoot de vogel bij het duiken gelijktijdig naar achteren, zodat hij zich wat schoksgewijs verplaatst.

Hoe plant een aalscholver zich voort? 

De broedperiode van de aalscholver begint soms al in december en gaat door tot in juni. Tot eind augustus blijven de kolonies bezet. Hij broedt graag in kolonies in de buurt van visrijk water. Aan de kust zoekt hij vaak de duinenkwelders en eilanden op. In het binnenland gaat hij naar de moerasbossen. Hij vindt het fijner om in bomen te broeden, maar is soms ook op de grond of in de beschutting van het riet aan het broeden. Op het nest lokt hij overvliegende vrouwtjes door onder andere de fel afstekende witte dijen. Een nest bevat ongeveer 3-4 eieren. De broedduur loopt van 27 tot 31 dagen. Het duurt daarna nog ongeveer 50 dagen voordat de jongen vliegvlug zijn.

Wat eet een aalscholver? 

De aalscholver is een echte viseter die vissen zoals voorntjes, baarzen, snoekbaarzen en paling vangen.. Een aalscholver eet dagelijks zeker 500 gram vis, wat in de broedtijd kan oplopen tot 1000 gram per vogel. Dit zeker als er de zorg is voor een nest met jongen.

Hoe klinkt een aalscholver?

Een aalscholver is meestal zwijgzaam, maar bij de nesten roept hij een luidruchtig “agack-agack-agack”

Waar leeft een aalscholver? 

De aalscholver is een vrij talrijke broedvogel in ons land die het hele jaar te zien is, trekt deels ook weg en is een wintergast in een vrij groot aantal.Hij leeft het liefst zo dicht mogelijk bij visrijke wateren, zoals moerasgebieden met bomen, maar ook op strekdammen en pieren langs de kust of bij de grote rivieren. Ze leven zowel op zoet als op zout water.

 

aalscholvers

 

Meer watervogels, klik hier